Nederland was in de ban van het WK-voetbal. En terecht. Niet dat ik zo’n voetbalfan ben. Sterker nog, ik heb er niet veel mee, maar vindt het prima als een ander er wel iets mee heeft. En dat hebben veel Nederlanders. Overal waar ik kwam, was er oranje. Thuis nog het minst, zelfs op het werk hingen oranjevlaggetjes. Er was een heuse televisie en er werd gewed. Wie zou er gaan winnen? Wat als Nederland toch in de kwartfinale kwam? Wat als we de halve finale zouden halen? En een enkeling durfde zelfs te dromen van een finaleplaats. Uiteindelijk werd het een bronzen medaille en terecht is men daar trots op. Doe dat maar eens na, toch? Nu is het voetbal voorbij en dus de WK-koorts over, zou je denken. Nou ja over, dat niet helemaal. Weet U waarom? Ik zal het uitleggen. Het gaat om de WK-pool. Heel veel mensen hebben daar aan meegedaan. Immers, het uur van de waarheid is aangebroken. Het is duidelijk wie wat wint of heeft gewonnen toch? Gedeeltelijk is dat waar. Wie het laatst lacht, lacht het best. Alleen is degene die het laatst lacht, niet de winnaar van de WK-pool, maar de fiscus. De WK-pool is een kwestie van een spel met kansen. En een kansspel is belast met kansspelbelasting. Daarom moet er in sommige gevallen over de winst belasting betaald worden. De ING had berekend dat Nederlanders € 38 mln euro hadden ingelegd. Per persoon dus gemiddeld € 12. Het lieve sommetje van € 38 mln euro. Het gaat dus wel ergens over. Over prijzen hoger dan € 454 moet 29% kansspelbelasting worden betaald. Een domper op de WK-hype. Protest alom. Ga boeven vangen, werd er geroepen. Nog niet eens zo’n heel gekke uitspraak als er onder je personeel bij de belastingdienst een gast zit die kans ziet in zijn eentje € 20 mln weg te sluizen. Dat had meer opgeleverd dan 29% van € 38 mln. Aardige van zoiets is dat het altijd breed wordt uitgemeten. Iedereen vindt er wat van. De Tweede Kamer bemoeit zich ermee. Het kabinet heeft aangegeven dat over WK-pools in besloten kring geen kansspelbelasting betaald hoeft te worden. Koplopers in WK-pools op het werk hoeven dus niet te vrezen. Ook niet als er duizenden werknemers mee doen. En ook niet als er veel geld in om gaat. Waar gaat de aandacht dan naar uit? Naar websites waar geld te winnen valt met WK-pools. Die zijn namelijk wel voor iedereen toegankelijk. En naar WK-pools bij bedrijven waar ook buitenstaanders aan mee kunnen doen en naar pools in kroegen waar iedereen aan kan meedoen. Sommige werkgevers hebben goed nagedacht. En de regels van de fiscus goed gelezen. En op basis daarvan een WK-pool georganiseerd waaraan meer dan 1000 mensen deelnemen. Niet alleen werknemers, maar ook klanten, zakenrelaties en anderen. Hoofdprijs: een weekend met partner naar Barcelona. Tweede prijs een tabletcomputer. Moet dan ook kansspelbelasting worden betaald? Gelukkig niet. Er wordt namelijk geen inleg van de deelnemers gevraagd. Het bedrijf betaalt de prijzen en dus is er geen sprake van een kansspel, maar van een promotionele actie. En dan nu de uitvoering. Hoe vindt controle plaats? Dat is niet duidelijk. Ook niet of men in het verleden hiervoor al eens is beboet, omdat geen aangifte is gedaan. Blijkbaar gaat het om de dreiging die er van uitgaat. Of ik daar bang voor ben? Nee, want het enige waar ik voor hoef te vrezen is dat ik iemand van advies of bijstand moet voorzien als er problemen zijn met de fiscus. Kom maar op, dat durf ik als belastingadviseur wel.
woensdag 6 augustus 2014
woensdag 7 mei 2014
Hondengedrag
Honden kun je opvoeden. Je kunt ze commanderen en ze gaan, zo leren hondenbezitters mij. Aan de andere kant kunnen ze zich ook danig misdragen. Ze springen tegen je op, blaffen als het niet moet, laten her en der hun uitwerpselen liggen en in het ergste geval bijten ze. Maar blaffende honden bijten niet. Wist u dat dat ook in de politiek zo gaat? Ik wist het niet, maar heb het met eigen ogen kunnen aanschouwen. Wat was namelijk het geval. Afgelopen week was de bedrijfsopvolgingsregeling onderwerp van gesprek. In het voorjaar wordt immers een aantal maatregelen onderwerp van gesprek, zodat deze sluimerend aangekondigd in het najaar in wetsvoorstellen verschijnen. Een kwestie van tactiek (politieke opvoeding zullen we maar zeggen). Met groot gebaar (lees geblaf) werd de afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling aangekondigd. Kranten namen de berichtgeving over, politieke partijen reageerden massaal. Er werd gekijfd. En zoals u wellicht weet, hondengevechten zijn verboden. Dan wordt er ingegrepen. Zo ook hier. Een heleboel geblaf en gedreig was het gevolg in de Tweede Kamer. En wat gebeurde: Met de staart tussen de benen werd er afgedropen. En wat kopten de kranten de volgende dag? Afschaffing bedrijfsopvolgingsregeling van de baan. Eerste reactie van mij: Die sufferds kunnen niet lezen. Maar later begreep ik het: natuurlijk kunnen honden niet lezen. Dom van mij. Maar toch niet zo dom dat ik niet zag dat er deze kabinetsperiode geen afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling op het programma staat. Dat zegt echter niets over het moment waarop er een nieuwe kabinetsperiode aanbreekt. Een nieuw begin, dus nieuwe kansen. En dus gaan we nu uitgebreid discussiëren over een herziening van het belastingstelsel. (Is vorig jaar uitgebreid door de Commissie Dijkhuizen gebeurd). Er worden allerlei zaken van stal gehaald die we in het verleden ook geopperd hebben. Een uniform BTW-tarief (dus geen onderscheid laag/hoog tarief). Een werkkostenregeling waarvan de contouren vier jaar later nog niet duidelijk zijn. Ik zou haast zeggen: de africhting is niet helemaal volgens de methode van Martin Gauss gegaan. Dus moeten we op een cursus om een en ander te corrigeren. Dat doet normaliter de eigenaar toch. Maar o, jee, waar is die gebleven? Precies in geen velden of wegen te zien. Dat scheelt werk. En dat maakt moe. Want dan moet je weer opvoeden. En dat moet je helaas bij honden maar blijkbaar ook bij fiscale wetgeving blijven doen. Als adviseur sta ik iedereen graag bij met goede raad. Dus mag ik een suggestie doen: bij het aantreden van het kabinet is een vast onderdeel alvorens men wordt toegelaten: een cursus Martin Gauss met goed gevolg afleggen. Niet voor één gat te vangen, draagt een goed adviseur meerdere oplossingen/suggesties aan. Daarom nog dit: Voor hen die de Gauss-proef niet halen; geef hen hapklare (honden) brokken en u zult zien dat de roedel op dat moment ook niet meer blaft en gedwee met het baasje meegaan. Immers de meeste leden van een roedel kent zijn plaats. En dat scheelt opvoeden, toch?
dinsdag 25 maart 2014
Boeven vangen
Op 11 maart j.l. heeft het televisieprogramma Nieuwsuur melding gemaakt van een schikking die het Openbaar Ministerie in het jaar 2000 had getroffen met een strafrechtelijk veroordeelde drugshandelaar. De overeenkomst werd gesloten door de huidige staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, meneer Teeven, die destijds officier van Justitie was. In de schikkingsovereenkomst is vastgelegd dat de drugs-handelaar aan het Openbaar Ministerie een schikkingsbedrag betaalde van f 750 000. Uit de rest van de overeenkomst zou blijken dat het Openbaar Ministerie feitelijk geld heeft witgewassen ten gunste van de drugshandelaar. De saldi van enkele Luxemburgse bankrekeningen (waarop conservatoir beslag rustte) werden integraal overgemaakt op een bankrekening van het Openbaar Ministerie. Het Openbaar Ministerie zou deze saldi na aftrek van het schikkingsbedrag van f 750 000 via een Nederlandse vriend van de drugshandelaar overmaken aan de drugshandelaar. In de overeenkomst was verder vastgelegd dat de schikking geheim moest blijven en dat partijen geen mededeling hierover zouden doen aan derden, waaronder begrepen de media en (vertegenwoordigers van) de nationale en/of internationale belasting-diensten en/of fiscale autoriteiten. Tja. Hoe leg je nu in goed gezelschap uit dat dit gebeuren door de beugel kan? Met een beetje geluk heeft u kunnen zien hoe de minister zijn staatssecretaris met vuur en vlam verdedigde. Fiscale deskundigen hebben duidelijk aangegeven dat hier sprake is van een ordinaire witwas-operatie. Of nog erger: medeplichtigheid bij het verhullen van belastingfraude. Maar de wonderen zijn de werd nog niet uit: Onze Tweede Kamer liet zich weer eens met een kluitje in het riet sturen en tuinde erin. U en ik zouden dit kunstje niet moeten flikken, want dan hadden wij al of op korte termijn zeker kennis gemaakt met het verdachtenbankje en wellicht de beruchte vier muren. Meneer Teeven ontsprong de dans. Blijkbaar moeten we hem op zijn blauwe, bruine ogen (wie zal zeggen welke kleur het moet zijn) geloven. Maar eigenlijk zou ik best eens een testje willen uitvoeren. In de vele nascholingen voor mijn opleiding als mediator heb ik namelijk geleerd dat er bepaalde gedragingen zijn waaruit je kunt afleiden of iemand de waarheid spreekt of niet. En daarom zou ik zo ontzettend graag meneer Teeven recht in de ogen willen kijken. Kijken of hij het ook kan en dan weet ik waarschijnlijk gelijk het antwoord op de vraag of het klopt dat je boeven wel of niet met boeven moet vangen. Mocht het gebeuren en mits mijn geheimhoudingsplicht het niet belemmert, zal ik u zeker op de hoogte houden al was het maar van de kleur van zijn ogen.
woensdag 8 januari 2014
Big brother is watching you
Trendwatchers hebben een aantal jaren al aangegeven dat de digitalisering een grote vlucht zou gaan nemen. Dat was te verwachten en lijkt ook een heel aardig eind uit te gaan komen. Met het kunnen opslaan van gegevens en vergelijking ervan lijkt de belastingdienst een nieuw instrument in handen te hebben om belastingplichtigen te volgen en zo nodig aan de tand te voelen. Niet dat de belastingdienst zelf van alles en nog wat opslaat, maar hij maakt handig gebruik van allerlei organisaties die zaken opslaan en verplicht hen daarbij om de informatie aan te leveren. Natuurlijk ben ik een groot voorstander van rechtvaardigheid en goed (betaal- en aangifte)gedrag van belastingplichtigen, maar hoe ver kun, mag en wil je gaan? Aardig ver lijkt het. Laten we eens kijken wat er zoal kan en/of gebeurt:
· Als de aangifte daartoe reden geeft, kan een boekenonderzoek/controle door de belastingdienst ingesteld worden.
· Gegevens die bekend zijn bij de belastingdienst en van belang kunnen zijn voor een (andere) belastingplichtige kunnen gerenseigneerd en opgevraagd worden.
· Er kunnen afspraken gemaakt worden in verband met horizontaal toezicht. Wanneer zich bepaalde zaken voordoen, die niet regulier zijn, is er de plicht (op basis van gemaakte afspraken) om dit vooraf voor te leggen.
· Belastingplichtigen kunnen gebruik maken voor aan- en verkopen van websites als marktplaats. Maar soms gaat het niet om iemand die incidenteel wat verkoopt, maar om iemand die handelt of een onderneming drijft. Dat wordt intensief gevolgd.
· Banken, verzekeringsmaatschappijen e.d. hebben de plicht om bepaalde gegevens aan de belastingdienst te leveren. Dit kan een goed inzicht in de vermogenspositie van een belastingplichtige bieden.
· Wanneer een belastingplichtige connecties heeft met het buitenland kan op grond van bepaalde verdragen informatie worden opgevraagd. Anders-om kan ook, waarbij informatie aan andere landen wordt doorgegeven.
In heel Nederland staan camera’s langs de weg. De beelden hiervan worden gecontroleerd/opgevraagd door de belastingdienst. Er wordt gepost bij tuincentra, Ikea en bijvoorbeeld de landsgrenzen met het oog op een mogelijke vakantie met de zakelijke auto die niet voor privé zou worden gebruikt. En sinds kort worden ook parkeergegevens bij parkeergarages en –bedrijven opgevraagd. Kom dus niet met uw zakelijke auto in een innige pose met uw secretaresse op het parkeerdek te staan, want dat zou al tot de vraag kunnen leiden of de rit zakelijk of privé was, los van alle andere problemen die het met zich mee kan brengen als de belastingambtenaar door correspondentie hierover de partner indirect informeert. Gelukkig zijn er ook rechters, die de belastingdienst terugfluiten als zij bij kort geding onbegrensd informatie willen opvragen. De rechter eist voldoende concretisering van de informatie. En wellicht is het goed om ook nog even het voorstel in herinnering te roepen om belastingrechtspraak openbaar te maken. Dan kunnen we met naam en toenaam zien wie er procedeert en met een beetje geluk ook zien waar ze het allemaal van doen, omdat de hele financiële handel en wandel blootgelegd wordt. Een schending van uw en mijn privacy dus. Want zeker als de herkenning groot is, zullen bepaalde mensen niet graag meer willen procederen en dat is een aantasting van de rechtsbescherming van de belastingplichtige. Moet het zover dan toch komen? Wat mij betreft niet en ik spreek dan ook de wens uit dat het kabinet in 2014 tot het inzicht komt dat dit een wetsvoorstel is dat niet verder mag komen dan de prullenmand. Want waar eindigt deze grenzeloze bemoeizucht?
maandag 21 oktober 2013
Graaiers
Van oudsher wordt graaien niet op prijs gesteld. Nu wil het geval dat in de Nederlandse maatschappij door alles en iedereen (sorry, ik moet even generaliseren) met groot gemak gegraaid wordt. Denk aan exorbitante beloningen, niet af willen zien van wachtgeldregelingen op grond van moraal en fatsoen, het gedoe over allerlei beloningen bij bankiers, de nooit verklaarde sterke toename van kosten door de invoering van de euro. (In plaats van een gulden-teken werd bijna overal een euro teken geplaatst). Vooral de overheid trok fel van leer hiertegen. Allerlei maatregelen werden voorgesteld en ingevoerd en waren bedoeld om dit allemaal tegen te gaan, maar leidden ertoe dat men probeerde om door de mazen van het net te kruipen om zo de regels te ontgaan. Zo veel mogelijk vormen van oneerlijke geldtoeëigening werden tegengegaan. Opgelost zou men denken. Nou, dat valt nog te bezien. Want als je het mij vraagt, zitten wij fiscalisten met zijn allen te slapen. Daarom bij deze mijn wake-up call: Let nu eens op, op wie er gestemd wordt en let nu eens op wat voor draconische fiscale wetsvoorstellen er ingediend worden. Of nog erger: ingevoerd worden. De kruip door sluip door politiek en regelgeving komt steeds vaker voor en wij stonden erbij en keken ernaar. Dat hebben we bijvoorbeeld laten gebeuren met de maatregelen op boetegebied: gevolg exorbitant hoge boeten voor belastingplichtigen en adviseurs, bevoegdheden voor de fiscus (denk aan de versterkingsmaatregelen inzake invordering bij het bodemvoorrecht), allerlei idiote lokale belastingen waarvan geen enkele gek begrijpt waar dat voor geheven wordt behalve dan om de plaatselijke schatkist te vullen. Tenzij u dagelijks hoort van bovendijkse en binnendijkse heffingen. Ik niet in ieder geval en ik zit toch echt op een 150 hemelsbreed van een dijk vandaan. En nu, ik durf het haast niet meer te vertellen: we zijn er weer ingetuind bij de vele wijzigingen die de rentebetalingen in het kader van belastingen hebben ondergaan in het verleden. Probeer maar eens verschillende berekeningen te maken en zie hoe onredelijk het voorstel uitpakt. Ooit bijvoorbeeld een aangifte ingediend over 2010, voorlopige aanslag in 2012 terug ontvangen en in 2013 gecorrigeerd bij de definitieve aanslagregeling? Dan moet wel rente betaald worden vanaf 1 januari 2011, terwijl we eerst (in dit geval eind) 2012 geld terugkregen. En let op: we gaan er weer intuinen als we niet oppassen, want het rentetarief in de vennootschapsbelasting wordt verhoogd naar 8%! De politiek is zeer geslepen: dergelijke wetsvoorstellen komen altijd als iedereen het erg druk heeft met andere wetsvoorstellen (met andere woorden de focus is ergens anders) en men weet inmiddels dat er meer mensen niet dan wel kunnen lezen en het onderwijs wordt daar nog niet echt op aangepast. Prinses Laurentien was zo gek nog niet toen zij het tegengaan van analfabetisme promootte. Op het moment waarop zij dat deed, vroeg ik mij af hoe dat kon voorkomen in Nederland. Domme vraag weet ik nu. Want het blijkt maar weer eens dat zelfs universitair geschoolden niet of niet nauwkeurig genoeg lezen. Of moeten we toch meer worteltjes eten op straffe van een goede leesbril? Het is echter nog niet te laat: maak massaal kabaal bij de politiek dat dit toch echt iedere grond mist en de redelijkheid ver te boven gaat. En misschien nog een andere suggestie van mijn kant: voor wetgeving moet je niet alleen juristen hebben, maar bij fiscale wetgeving ook een paar rekenwonders. Anders wordt het geld zo uit je zak geklopt. Of houdt de politiek zijn mond om later zelf de zakken te kunnen vullen? U kent het spreekwoord toch: wie zwijgt, …Dus als ik niks hoor, neem ik aan dat …
dinsdag 23 juli 2013
Column: Commissieleed/Oogjes dicht en snaveltjes toe
Met enige regelmaat stelt het ministerie van Financiën een commissie in. Meestal gebeurt dat omdat men nieuwe ideeën wil hebben hoe de belastingheffing anders zou moeten of kunnen worden ingericht. Vaak worden allerlei kenniskrachtige creatievelingen bij elkaar gezet als denktank. Zij mogen hun fantasie erop loslaten, mits aan bepaalde randvoorwaarden wordt voldaan. Aangezien veelal aan alle voorgedragen oplossingen de voorwaarde wordt verbonden dat de uitkomst budgettair neutraal moet zijn, met andere woorden je mag alles bedenken als het maar geen geld kost of nog beter geld oplevert, is het niet zo dat de fantasie geheel de vrije loop wordt gelaten. Daarnaast vergt het veel rekenwerk en modellen maken, uitwerken of uittesten, dus wordt aan een commissie een groep superrekenaars (de econometristen onder ons) toegevoegd. Deze commissie gaat hard aan het werk. Er wordt veel vergaderd, veel gedacht, voorgesteld en uitgewerkt en onder hoge druk een lijvig en indrukwekkend rapport gepubliceerd. Vele commissies zijn in het verleden ingesteld en even zovele voorstellen zijn door hen gedaan. Met veel tamtam worden de resultaten bekend gemaakt en dan? Dan maar hopen dat de gedane voorstellen worden overgenomen in wetgeving. Het is dat laatste waar het mij nu om gaat. Is er ooit wel eens iemand geweest die het effect van een dergelijke commissie heeft gemeten? Die heeft afgewogen wat de maatschappelijke kosten van een dergelijke commissie zijn? Die heeft gekeken hoeveel procent op welke termijn wordt omgezet of overgenomen in wetgeving? Bij mijn weten niet publiekelijk. Dat vind ik jammer. Als de belastingdienst het liefst zou zien dat alles open en bloot moet – Nederland is immers een vrij land - en dus mogen we elkaars WOZ-waarde van de woning kunnen nagaan op korte termijn, wordt de rechtspraak liefst openbaar (voor sommigen zou dit weleens het einde van het opstarten van een procedure kunnen betekenen als men beseft dat de privacy op straat ligt), waarom wordt dit dan niet bekend gemaakt?
Neem nu als voorbeeld een vrij recente commissie, de Commissie van Dijkhuizen. Deze commissie heeft in juni 2013 een rapport gepubliceerd over wijzigingsvoorstellen voor de inkomstenbelasting en toeslagen. Gegeven de beperking van budgetneutraliteit heeft deze commissie een serieuze poging gedaan wijzigingsvoorstellen ter verbetering te presenteren. Ik zal me om mij moverende redenen over de inhoud van het rapport niet uitlaten, behoudens één opmerking: uit het rapport blijkt op geen enkele wijze waarop het percentage dat in aanmerking moet worden genomen voor de heffing in box 2 gebaseerd is. In mijn opinie zou dit voorstel er zo maar toe kunnen leiden dat het percentage in box 2 en box 3 naar beneden zou kunnen worden bijgesteld, terwijl eenzelfde opbrengst wordt gegenereerd.
Het rapport heeft veel aandacht gekregen (zowel positief als negatief, maar het was aandacht en daar ging het om) en wat doet ons bellefleurtje: die verkondigt daags na verschijning van het rapport dat de wetgever niet voornemens is op korte termijn zulke wijzigingen door te voeren. Oftewel, leuk dat jullie een rapport hebben geschreven, maar flikker het maar in deze la bij alle andere geschriften die in het verleden gepubliceerd zijn.
Er is dus een hoop werk voor de violen gedaan, zo lijkt het. Laat de minister van Financiën van mij één ding aannemen: Het principe van oogjes dicht en snaveltjes toe en ga nu maar lekker slapen werkt alleen bij kleine kinderen die erin tuinen. Het getuigt mijns inziens niet van diplomatiek gedrag, iets wat ik van hem wel had verwacht. Ik zou hem daarom willen vragen: doe ogen en oren wijd open, behoed u voor prematuur kabaal en laat de regering en het parlement zijn werk doen!
donderdag 6 juni 2013
Nederland (Belasting)paradijs?
Het woord paradijs doet mij denken aan een paradijselijk stukje aarde. En ik kan het weten want ik ben zelf geboren op een dergelijk paradijselijk eiland op deze aarde. Aantrekkelijk om zijn vele faciliteiten: veel zon, prachtige stranden en zee, geweldige temperaturen, heerlijk ontspannen sfeer en voor sommigen een waar fiscaal paradijs. Met stomme verbazing heb ik dan ook kennis genomen van het feit dat Nederland een belastingparadijs zou zijn. De link tussen belastingen en Nederland kan ik nog leggen, maar een paradijs? Sorry, als ik iemand hiermee beledig, maar dat heb ik hier helaas niet mogen ervaren. Maar als ik om mij heen kijk, zou het zo maar kunnen dat anderen daar anders over denken. Laten we enkele situaties de revue laten passeren.
1. De vele buitenlanders (als ik de krant mag geloven vallen daaronder in ieder geval een aantal Bulgaren en Polen) die gebruik maken van onze riante toeslagenregeling. Heerlijk toch, je schrijft je in in een flat, je zit er nooit, bent dus formeel woonachtig op dat adres en toucheert handenvol geld aan toeslagen terwijl je feitelijk elders verblijft.
2. De staatssecretaris van Financiën die al geruime tijd wist dat er gefraudeerd werd met toeslagen, maar dat niet meldde aan de Tweede Kamer. Hij heeft het een paar dagen heel moeilijk gehad, wachtte zwetend af of de Kamer zijn handelen wel zou pikken, kreeg een debat met bagger over zich heen waar de honden geen brood van lusten, maar mag toch staatssecretaris blijven. Volgens sommigen weliswaar beschadigd maar toch. Als straks zijn politieke loopbaan voorbij is, weet ik bijna zeker dat er op hem een prachtige functie ligt te wachten met een honorarium dat zeker niet zal aansluiten bij de Balkenende-norm. Onder het motto: als je niet meer betaalt, kun je geen goede krijgen. En welke eigenschappen je hem ook toedicht: een volhouder was het en de aanhouder wint immers?
3. Veel ziekenhuizen en zorgverleners hebben veel te hoge bedragen gedeclareerd. Dat heeft geleid tot veel te hoge zorgpremies. Wordt dat geld teruggevorderd? Volgens mij niet. De belastingbetaler heeft betaald in het verleden en blijft betalen, want er ontstaat een gat en dat moet gedicht worden.
4. Wist u dat het uitmaakt wat je voor een verrichting ontvangt of de vergoeding op grond van de basisverzekering of uit de aanvullende verzekering moet komen? Aanvullend wil zeggen in het aan mij bekende geval een vergoeding van € 150 voor een verrichting in plaats van € 37,50. Zo in de zak van de zorgverlener. Paradijselijk toch?
5. En dan hebben we het nog niet gehad over de hoge winsten die grote ondernemingen behalen. Daar vloeit bitter weinig van terug in de Nederlandse schatkist, helaas. Of zorgverzekeringsmaatschappijen die zelf 5 miljoen winst maken, terwijl de bestuurders 12 miljoen vangen. Terwijl het eigen risico opnieuw zal worden verhoogd en de zorgpremie vermoedelijk ook.
6. Misschien een kleinminpuntje is het initiatief-wetsvoorstel voor een parkeerbelasting per minuut. Scheelt gemeenten handenvol geld, omdat ze nu per tijdvak geld ontvangen. Voor reeds bestaande parkeerautomaten geldt een riante overgangsregeling. En als dat voorbij is? Wedden dat dan allerlei andere tarieven fors verhoogd worden om een eventueel gemeentelijk tekort te dekken? Voor de makers van parkeerautomaten zorgt de belasting hier voor een paradijselijke situatie: er komt flink geld in het laatje.
7. Dan een boekje open over het wel en wee van de belastingdienst. Dat loog er niet om. Boekencontroles die niet uitgevoerd kunnen worden wegens gebrek aan mankracht. Aangiften en bezwaren de nog steeds ongecontroleerd worden weggestempeld als de tijd begint te dringen. Negatieve aangiften omzetbelasting die klakkeloos worden uitgekeerd zonder gecontroleerd te worden op juistheid. De afhankelijkheid van bestanden van de Kamer van Koophandel. Ook zo’n instantie waar je je vraagtekens van het nut erbij zet maar daarover
misschien een andere keer. Belastingwetgeving die niet of niet goed werkbaar is en voor meerderlei uitleg vatbaar. Blind vertrouwen na gemaakte afspraken, zelfs als tegen beter weten in bekend is dat informatie van derden erop wijst dat dit ten onrechte is.
Ik kom terug bij het begin van mijn verhaal: voor wie is Nederland nu een (belasting)paradijs? Ik stel vast: voor mij niet. En wellicht voor u ook niet. Of ….. heb ik mij vergist? Is het toch niet een heel aardig (belasting)paradijs: Hoe gekker het er fiscaal aan toe gaat, hoe leuker ik het vind. Hoe meer werk er is. Hoe meer er contact moet zijn tussen bestuur en aangeslotenen van het NIBA. Hoe meer de cursussen bezocht zullen worden. Hoe vaker we zullen borrelen, met elkaar eten onder het overleg. Dat zou gezellig zijn. Voor mij staat in ieder geval vast dat ik in staat ben om regelmatig mijn paradijselijk geboorteland te bezoeken dankzij de Nederlandse belastingwetgeving en de heisa die daar soms over gemaakt wordt. Bovendien heb ik dan uiteindelijk tijd over, want aan mijn huwelijk hoef ik tijdelijk niet te werken. Mijn echtgenoot werkt zich dan namelijk een slag in de rondte als fiscalist. Of u het dan een (belasting)paradijs vind laat ik graag aan u over, maar een beetje paradijselijk vind ik het toch wel. Zeker als de zon schijnt, de temperatuur zodanig is dat ik eindelijk mijn winterjas uit kan laten, de staatssecretaris een leuke fiscale uitspatting doet, is mijn dag niet meer stuk te krijgen en waan ik mij toch echt even in een paradijs.
Abonneren op:
Posts (Atom)